Complementaire zorg heeft effect: minder onrust, pijn en angst bij ouderen

Vijf ouderenzorgorganisaties in Zuid- en Midden-Nederland hebben drie jaar lang de effecten van complementaire zorg gemeten. Deze Proeftuin Complementaire Zorg bij Ouderen is onlangs positief afgerond. Interventies als aromazorg, massage, tactiel stimulering en therapeutic touch blijken effect te hebben op het welbevinden van de ouderen. De grootste verbetering is te zien bij ontspanning en onrust. Een geringere verbetering blijkt bij kwaliteit van leven, pijn en angst. Het is voor het eerst dat een groep zorginstellingen in de ouderenzorg gezamenlijk een dergelijk onderzoek naar complementaire zorg oppakt.

Voor alle in het onderzoek meegenomen interventies en voor alle doelgroepen aan wie ze zijn aangeboden is effect gemeten. De grootste verbetering is te zien in de ervaren ontspanning, ruim 2,5 punt op een schaal van 1 tot 10. Ook de indicatoren klachten en onrust verbeterden: na afloop van de interventie waren deze met bijna 2,5 punt op een 11-puntsschaal verminderd. Bij 58 tot 65 procent van de behandelingen was sprake van een klinisch relevante verbetering. De verbeteringen in kwaliteit van leven, pijn en angst waren relatief kleiner (verandering van 1,14 tot 1,25 punten op de VAS-schaal). Toch sorteerden 27 tot 34 procent van de behandelingen een klinisch significant effect op deze uitkomstmaten. Zorgverleners vulden daarnaast 51 observatielijsten in over de ouderen. Ook hier komt een positief effect van complementaire zorg naar voren. Met name ‘stemming/humeur’ en ‘lichamelijke klachten’ verbeterden. Het meest benoemd in de observaties zijn ‘rust’ en ‘ontspanning’. Ook de bewoners zelf en hun familieleden geven positieve feedback over de meerwaarde van complementaire zorg.

Zorgverleners en bewoners geven beiden aan dat het bij complementaire zorg niet alleen om de interventie gaat, maar ook om de aandacht en het present zijn. Deze werkhouding kan in de dagelijkse zorgverlening toegepast worden, waardoor bepaalde zorghandelingen makkelijker kunnen gaan of een dienst rustiger verloopt. Complementaire zorg kan bovendien geïntegreerd worden in de zorghandelingen, bijvoorbeeld therapeutic touch tijdens een douchebeurt of met focus en aandacht iemands haren wassen.

De vijf zorgorganisaties boden tezamen een diversiteit aan interventies: (hand)massage, tactiel stimulering, therapeutic touch, pidjit, aromazorg, aquazorg en overig (waaronder koele buikwassing, warmtecompres). De zorg is gegeven aan mensen met psychogeriatrie, mensen met somatische problematiek, mensen die revalideren, mensen met de ziekte van Huntington en mensen in de palliatieve fase. De voornaamste reden om deze interventies in te zetten, is om ontspanning te bieden. Vooral klachten als pijn, angst, slaapproblemen, verminderde vitaliteit en onrust zijn via de reguliere weg niet altijd goed te verhelpen.

Het project is uitgevoerd door het Van Praag Instituut en het Louis Bolk Instituut bij Raffy Woonzorgcentrum in Breda, De Riethorst Stromenland in Raamsdonksveer, Groenhuysen in Roosendaal, Nusantara in Apeldoorn/Ugchelen en Bussum en Schakelring in Waalwijk. Binnen de vijf zorginstellingen wonen ongeveer 2.000 cliënten, die niet meer zelfstandig thuis kunnen wonen. Naast reguliere zorg krijgen de cliënten ook regelmatig aanvullende zorg en behandeling.

Het rapport is te downloaden via www.louisbolk.org

Bron: VNIG

Persoonlijke contact: contact gegevens